Wat als ik niet in het systeem pas? I

Een paar weken geleden schreef ik voor mijn werk een post over de manier waarop onze generatie naar werk kijkt. Ik zal het hier niet herhalen, maar wil wel graag de essentie delen. Omdat ik me vaak benauwd voel, streef naar een andere wereld. En ik ben niet de enige. Met vrienden en onze groep trainees hebben we hier regelmatig discussies over. Steeds bereiken we dezelfde conclusie: we voelen ons opgesloten in een rigide systeem dat niet meer werkt.

Dat systeem is geconcentreerd rond werk. We gaan naar school, halen een diploma zodat we kans maken op een goede baan, en rollen de arbeidsmarkt op om… Ja, waarom eigenlijk? Om een nuttige bijdrage aan de maatschappij te leveren? Werk was ooit bedoeld om een plaats in de gemeenschap te veroveren en je steentje bij te dragen. Maar de verbinding met de maatschappij zijn we al lang kwijtgeraakt. In plaats daarvan zitten we achter een beeldscherm en werken aan een geconceptualiseerde, virtuele wereld die nog weinig met het echte leven te maken heeft. Begrijp me niet verkeerd, werk is belangrijk en nuttig, maar niet zodra het los komt van de werkelijkheid. Een paar absurditeiten:

  • er worden allerlei producten geproduceerd die niemand nodig heeft. Om ons te laten geloven dat we ze toch nodig hebben, is de reclamewereld bedacht;
  • we bedenken achter een computer hoe iets er uit zou moeten zien, gaan vervolgens in een hok (lees: vergaderruimte) zitten om die plannen uit te werken, en zijn dan verbaasd als het totaal niet klopt met hoe de buitenwereld er tegenaan kijkt;
  • we produceren tonnen voedsel dat niet gezond is en waarvan mensen geen idee hebben waar het vandaan komt.
Werk...en de rest van de wereld
Werk…en de rest van de wereld

Waar doen we het dan voor? Om geld te verdienen, zodat we alsnog onze plaats in de gemeenschap kunnen veroveren door een huis te kopen, mooie kleren, dure kerstcadeaus en onze kinderen naar school kunnen sturen zodat ook zij straks in het systeem passen.

Natuurlijk, we halen voldoening uit de band die we met collega’s opbouwen, en we hebben intellectuele uitdaging nodig om ons niet te vervelen. Maar eigenlijk zijn we niet echt tevreden. Of continu op zoek naar iets ‘extra’s’: betekenis, een kans om de wereld te verbeteren. Leven.

Wat ik bij generatiegenoten (inclusief mezelf) zie, is dat we aan de ene kant proberen om in het systeem te passen (acht-tot-vijfbaan) en aan de andere kant verwoede pogingen doen om die verbinding met de wereld om ons heen terug te vinden (zoeken naar betekenis, vrijwilligerswerk doen. Of, in minder succesvolle gevallen: onszelf lam drinken, verslaafd raken aan Whatsapp of onszelf volstoppen met ongezond eten). We overwerken onszelf, en snakken naar flexibiliteit en vrijheid.

Het is ook niet normaal om acht uur per dag achter een computer te zitten. Ons lichaam is gebouwd om te bewegen, niet om in een kantoor te worden opgesloten tot we geveld worden door hart- en vaatziekten, gewrichtsklachten, overgewicht en immobiliteit. En het is onzin, want niet productief. Ik kan vier uur achter elkaar lezen, typen, e-mails beantwoorden en modellen runnen, maar dan is de concentratie op. Dat komt niet omdat ik concentratieproblemen heb, maar omdat ik een mens ben.

Het probleem is dat mensen steeds minder ‘mens’ zijn. ’s Ochtends op het station observeer ik hoe we onszelf verplaatsen. We zijn net robots. Als het niet zo triest was, is het grappig om te zien. Mechanisch, afwezig, verplaatsen we ons zonder stil te staan bij waar we vandaan komen, of waar we naartoe gaan. Maar een heel enkele keer is er iemand die opkijkt, écht kijkt, en ziet waar hij is.

Steeds vaker stappen mensen uit het systeem. Sommigen omdat ze er niet meer in kúnnen leven. Ze raken overspannen of worden depressief. Anderen omdat ze niet meer willen. Ze verkopen al hun spullen en gaan op reis, of zeggen hun baan op en gaan ‘iets met hun handen’ of ‘iets met mensen’ doen. Het is niet gek dat yogascholen als paddenstoelen uit de grond schieten, dat mensen zich aansluiten bij allerlei duurzaamheidsbewegingen of hun eigen groenten gaan verbouwen. We zoeken naar authenticiteit. We willen ons leven terug.

Effetjes de wereld veranderen ;)
Effetjes de wereld veranderen ;)

Dat klinkt allemaal heel dramatisch, en dat is het ook. Want is leven niet uiteindelijk het doel van het leven?

Het mooie is dat we dat systeem zelf hebben gebouwd, dus ook zelf, individueel, kunnen veranderen. We zijn de enigen die dat kunnen. Lekker cliché, maar toch. Ik merk dat er veel van de overheid wordt verwacht: een basisinkomen, een duurzamere, eerlijke samenleving. Maar uiteindelijk zijn wij degenen die die overheid maken. Als we dus bang en onzeker in het systeem blijven hangen, gaat de overheid niet meeveranderen. Wel als we er uit stappen, of af en toe een uitstapje maken. Dan veranderen onze behoeften, ons uitgavenpatroon, de huizenmarkt, ons voedselsysteem, de hele economie… Dan verandert de wereld stukje bij beetje mee.

Lees ook: Wat als ik niet in het systeem pas? II

Advertenties

2 reacties op ‘Wat als ik niet in het systeem pas? I

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s